Robert Crombeecke, 2002
Deze duikplek is vreemd genoeg nog nergens beschreven in de bekende boeken over de Rode Zee.Dit kleurrijke en
interessante rif bevindt zich ten oosten van Hurghada in de smalle strook tussen
de eilanden Giftun en Small Giftun. Sha'ab Sabina is een perfecte plaats om na
een diepere duik bij bijvoorbeeld Erg Somya, Gorgonia Reef of Small Giftun Drift
een herhalingsduik te maken.
De bodem ter plaatste is maximaal14 meter diep,
maar het overgrote deel van de duik zal niet dieper dan 11-12 meter zijn.
De duik
voert je over prachtig gekleurde koraaltuinen, voornamelijk bestaand uit de
rifbouwende steenkoralen.
De plaats is uitsluitend bereikbaar per boot, en er zijn geen ankerboeien langs het rif te vinden. Bovendien staan er een zwakke tot matige stroming zodat je duik bij Sha'ab Sabina een driftduik zal zijn. Aan het einde van de duik kan de boot worden vastgelegd aan één van de ankerboeien in de luwte van de baai, die zich aan de zuidwestzijde van het rif bevindt.
De duik
begint aan de noordzijde van het rif, waarbij je normaal gezien met positief
drijfvermogen te water gaat, omdat de stroming niet uitzonderlijk sterk is.
De
afdaling tot ca. 12 meter brengt je bij het begin van een smal rif, wat van oost
naar west loopt. Je volgt dit rif in westelijke richting, in een zig-zag
patroon. Hierbij voel je af en toe de lichte tegenwerking van de stroming vanuit
het noorden. De diepte varieert tussen de 5 en 10 meter.
Aan het einde van dit
rif bevindt zich op slechts 3 meter diepte de plaats waarbij je over het rif
heen, in zuidelijke richting je duik vervolgt.
Nadat je een zandstrook bent
overgestoken, in zuidoostelijke richting kom je bij het tweede gedeelte van dit
rif, wat aanzienlijk breder is dan het eerste stuk. Dit rif loopt verder in
zuidelijke richting en wordt wederom zig-zaggend bedoken, nu volledig met de
stroming in mee. Ook hier weer steenkoralen zover het oog, of het zicht, reikt.
Tussen de koraalformaties bevinden zich van tijd tot tijd stroken zandbodem,
waardoor je soms het idee hebt dat je een straat oversteekt. Deze zandbodems
bevinden zich op 10-12 meter diepte terwijl je, wanneer je over de koraaltuinen
zwemt wederom niet dieper dan 6-10 meter gaat.
Aan het einde van deze koraalformaties heb je in feite twee opties voor het
laatste gedeelte van de
duik, afhankelijk aan welke zijde van het rif je uitkomt. Kom je aan de
oostzijde uit, dan zwem je in westelijke richting naar de punt van het hoofdrif
over een zandbodem met veel kleine rotsen. Na het koraalspektakel van de riffen
valt de omgeving in dit laatste deel van duik wellicht wat tegen, maar ook hier
vindt je nog steeds koralen, maar minder kleurrijk, klein en vaak solitair.
Onder de rotsen vindt je echter wel vaak nog murenen, pijlstaartroggen of ander
fraais, dus het is aan te raden om goed om je heen te blijven kijken.
Kom je
echter aan de westzijde van de koraaltuin uit, dan kom je op een zandvlakte met
grotere rotsen, die ook weer interessant begroeid en bevolkt zijn. Zwem je
verder door in westelijke richting kom je aan de rand van het hoofdrif wat
begroeid is met steen-, leder- en softkoralen. Volg dit rif naar het zuiden en
je komt vanzelf bij de punt van het rif. Hier aangekomen draai je naar rechts
(westelijk) en kom je uit op het einde van de eerder besproken zandvlakte met
stenen, waarbij je de ankerlijn en de boot haast niet kan missen. De ankerlijn
ligt vlakbij een grote kei van 3 meter doorsnee. Dit is het markeerpunt voor het
einde van je duik. Afhankelijk van de stromingssterkte is dit een duik van 50-65
minuten, dus volop duikplezier.
Het meest bijzondere van deze plek is wel dat het overgrote deel van de duik je over prachtig gekleurde koraaltuinen voert, die zich uitstrekken zover het oog (of het zicht) reikt. Het overgrote deel daarvan bestaat uit rifbouwende steenkoralen zoals Frambooskoraal (Pocillopora sp.), Slakoraal (Turbinaria sp.) en Kegelkoraal (Hydnophora sp.). Ook kom je veel softkoralen (Dendronephtya sp.) en sponsen tegen. Uiteraard is ook het Vuurkoraal (Millepora dichotoma) rijkelijk vertegenwoordigd. Wat de duik erg speciaal maakt zijn de grote tafelkoralen van soms wel enkele meters doorsnee en de prachtige Doopvontschelpen (Tridacna sp.) die in grote getale en in alle kleurvariëteiten aanwezig zijn.
Zoals de meeste duikplaatsen vindt je ook hier weer een grote verscheidenheid aan vissoorten. Naast de overvloed aan Karaalvlinders, Dakters-, Papegaai-, Keizersvissen en Vlagbaarzen zijn er een aantal opvallende vissoorten te vinden. Fluitvissen (Fistularia commersanii), Barbelen (Mullaides vanicatensis), Vleermuisvissen (Platax sp.) en diklipvissen (Plectarhinchus gaterinus) zijn in grote scholen te vinden. Wanneer je omhoog kijkt zie je grote schalen, uit de kluiten gewassen Harsmakrelen (Caranx sp.), vlak ander het wateroppervlak heen en weer zwemmen.
Tussen de koralen en in rotsspleten zie je regelmatig steenvissen (Synanceia verrucosa) in alle maten verborgen zitten. Onder de tafelkoralen hangen vaak Koraalduivels (Pterois sp. ) en tandbaarzen (Cephalopholis en Epirephelus sp.) Weliswaar algemeen voorkomend, maar toch opvallend tussen alle andere soorten lipvissen, is de Bezemstaart Lipvis (Cheilinus lunulatus) waarvan ik enkele exemplaren bij Sha'ab Sabina heb waargenomen.
Een enkele keer tref je hier een eenzame Baracuda (Sphyraena sp) aan en naar ik me heb laten vertellen is er een enkele gelukkige duiker wel eens in geslaagd een schildpad in het vizier te krijgen.
Op de zandvlakte, het laatste gedeelte van de duik, vindt je onder de solitaire rotsen en stenen regelmatig wat kleinere exemplaren van de Reuzemurene (Gymnothoraxjavanicus), alsmede de blauw gespikkelde pijlstaartrog (Taeniura Iymma). Omdat het laatste gedeelte van deze duik het niet van de koraalpracht moet hebben, loont het de moeite om goed onder de stenen te zoeken. Een prachtig voorbeeld van symbiose zag ik vlak voor het eindpunt onder een steen. In een symbiose anemoon zat een koppeltje anamoonvissen (Amphiprion bicinctus) die een doorzichtige, en dus zo goed als onzichtbare anemoon-poetsgarnaal (Periclimenis longicarpus) als huisgenoot hadden.
Robert Crombeecke 2002
Verantwoording nomenclatuur: Rode lee Riffengids, auteur Helmut Debelius Uitgeverij Vipmedia ISBN nummer 90-70206-65-X

